de Noordenwind

De Noordenwind danst fluitend het slaapkamerraam binnen. Plots. Zwieeeeej. De wind die draaide vannacht als een vogel op de stroming, plots en daadkrachtig. Zwiep, volle kracht vanuit het poolgebied. Een strenge, onverbiddelijke wind. Hij brengt kilte en winter met zich mee. Wie nog twijfelde, mag dat nu achter zich laten. De kou is hier. De Noordenwind is hier. Zjwieeeeeej, zingt hij. Zwieeeeeej. Alsof het fluitend zingt: ‘hier ben ik dan.’

Ik kan er de slaap niet meteen door vatten. De kou is indringend, door alle lagen dekens raakt hij mijn binnenste, diep en scherp. Een ander soort kou dan alle nachten tot nu toe. Ik sta op, schiet snel in mijn warme sloffen die trouw klaarstaan naast het bed. Ik grijp mijn zachte ochtendjas van de haak aan de muur, sla hem om en knoop de gesp goed vast. Zo, dat is al beter. — Zwieeeeej, zwieeeeej, hoor ik nog steeds, terwijl ik voetje voor voetje de trap af sluip. Op weg naar versterking.

Ik zet de ketel op het vuur, en tuur ondertussen door de vierkantjes van het keukenraam naar buiten. De wind is zichtbaar. Neemt alles op zijn weg met zich mee. Dunne, bijna onzichtbare sneeuw en de laatste blaadjes van de bomen worden meegenomen in z’n kille dans, op weg naar elders. — Naar waar? — Fuuuuuuuuuuuut, verstoort de ketel mijn gedachten dan. Het water is heet. Het vuur gaat uit.

Ik neem mijn favoriete mok van de plank en schenk in, de stoom kringelt dampend omhoog. Een zakje kamillethee kleurt het water meteen lichtgeel, dan donkergeel, tot de thee een paar minuten later helemaal verzadigd is in het loeihete water. Ik wacht nog even met drinken, blaas wat, waarbij de warme damp in mijn gezicht slaat. Een warme rilling trekt van mijn gezicht naar mijn nek en schouders. Heerlijk. De eerste slok brengt de warmte dan verder, van binnen. Alsof de thee zich niet alleen door mijn slokdarm, maar door mijn hele lijf verspreid. Daar kan geen Noordenwind tegenop. Voor nu althans.

De rest van het hete water giet ik in mijn kruik, die klotsend vol raakt. Schroefdop terug, en dan lekker onder de gesp van mijn ochtendjas nestelen. Eenzelfde warmte verspreid zich over mijn buik, door naar mijn rug, schouders, naar de nek omhoog.

Zalig. Dit had ik even nodig.

Ik neem de theemok met beide handen mee, op weg terug naar bed. De warmte tussen mijn handen werkt als een kachel. De kruik achter mijn gesp doet hetzelfde.

Ik schiet uit mijn sloffen en kruip terug onder de dekens — volgens mij heb ik wel drie lagen op mijn bed liggen — die zwaar op me vallen. De kruik verwarmt mijn hele bed coconnetje. Ik leun tegen een paar gestapelde kussens, mijn nachtlampje nog aan, en slurp van de kamillethee. Aaaah, perfect op temperatuur.

De wind trekt aan van een fluister naar een huil, versterkt zijn kracht, maar zijn vat op mij is verzwakt. Ik zit in mijn veilige warme cocon. Mijn nestje voor de nacht. Laat hem maar huilen. Ik sluit mijn ogen… En slaap.

Lees verder

de eerste Dag

De ‘Fijne Dagen’ zijn voorbij. De eerste Dag is begonnen. Gewoon een Dag. Zoals zoveel Dagen waren, voordat het Fijne Feestdagen werden. Een Dag waarop

LEES MEER

Kerstavond

Geen moment tijdens de feestdagen is zo aangenaam als Kerstavond. Eigenlijk doet hij niet mee. Dat maakt hem des te krachtiger. Het is geen Eerste

LEES MEER

Vind je leuk? Deel met je vrienden :)