Hij draaide zich om en zag toen iets groots!
TOEET TOEET klonk de hoorn van de boot
‘Zo, dat is een joekel’, dacht Jonas en zwaaide
‘Kom je mee op de boot?’, klonk het over de golven
Ja hij hoorde het goed, niet te geloven!
Hij mee op een boot?
Jazeker weten van wel.
De boot ging voor anker
En hij haastte zich snel
Aan boord van de boot
Voor hij kon bedenken
Of dat nu wel slim was
Zo plots te vertrekken…
Op zee kwam de storm
van WOESJ en van WAAI
en heel hard van KLENG en van KABELEBAAI
de golven die botsten
de boot die ging onder
Met Jonas aan boord!
En toen:
Een wonder…
